Hét HB-inzichtspel

comPACT is een werkgroep van Samenwerkingsverband Rijnstreek. We hebben als opdracht om een passend en dekkend aanbod en begeleiding te ontwikkelen voor alle ondersteuningsvragen op het gebied van hoogbegaafdheid in ons samenwerkingsverband.

Dat is een geen geringe taak! Voordat je een passend en dekkend aanbod en begeleiding kunt samenstellen, is het nodig om goed in beeld te hebben wat nu precíes die ondersteuningsvragen van hoogbegaafde leerlingen zijn.

Vanuit haar ervaring en kennis is Marije van Onna begonnen met het maken van verschillende omvangrijke mindmaps om de kenmerken van hoogbegaafde leerlingen én de ondersteuningsvragen overzichtelijk weer te geven. Na veel overleg binnen comPACT over de inhoud, werd het tijd om ook naar de vorm te kijken.

Onze comPACT coaches hadden behoefte aan een tool om de scholen die zij bezoeken meer inzicht te geven. Samen met Marije zijn Inge Schimmel en Cora Hansen vanuit comPACT aan de slag gegaan om een praktische vertaling te maken.

Want hóe breng je de kenmerken van hoogbegaafde leerlingen goed over aan de leerkrachten op de werkvloer. Hóe kun je het inzicht in hoogbegaafdheid vergroten én concrete handvatten geven voor in de klas?

De behoefte aan een praktische tool heeft geleid tot het ontwikkelen van Hét HB inzichtspel dat je op deze pagina kunt downloaden. In dit spel hebben we zo compact mogelijk geformuleerd welke ondersteuningsvraag een hoogbegaafde leerling aan jou als onderwijsprofessional stelt. We vertellen ook hoe het gedrag van de leerling eruit ziet als het even niet zo lekker loopt. We beschrijven de meest helpende leerkrachthouding. En we geven concrete tips om je verder te verdiepen in vakliteratuur of we verwijzen naar websites of lesmaterialen.

Want…

Hoogbegaafde leerlingen hebben jóu hard nodig.  Met goede begeleiding en een passend leerstofaanbod kunnen zij zich optimaal ontwikkelen.

In Hét HB-inzichtspel word je aan het denken gezet over wat het betekent als je een hoogbegaafde leerling bent in ons onderwijs, of een kleuter met een grote ontwikkelingsvoorsprong. Wat zijn je sterke kanten? Waar loop je juist tegenaan? Wat heb je nodig?

Ga alleen of samen met collega’s aan de slag met de thema’s in dit spel. Zo vergroot je spelenderwijs je inzicht in wat hoogbegaafde leerlingen nodig hebben. Met de tips kun je direct aan de slag! Zo word je (nog meer) een HB-vriendelijke leerkracht.

Met veel plezier stelt Samenwerkingsverband Rijnstreek Hét HB-Inzichtspel als gratis download beschikbaar voor alle onderwijsprofessionals in het Nederlands taalgebied. Het mag in deze vorm vrij gebruikt worden in scholen, tijdens trainingen of andere begeleidingssituaties.

Download hieronder de handleiding en de kaartjes. Kopieer de kaartjes dubbelzijdig, knip ze los en lamineer. Wil je het spel liever kant en klaar in een handig doosje aanschaffen? Dat kan via deze link.

Hét HB-Inzichtspel mag niet worden aangepast, gewijzigd of in enige andere vorm of vertaling worden gedrukt, uitgegeven, verkocht of verspreid door derden. Neem bij vragen of voorstellen hierover contact op met SWV Rijnstreek, werkgroep comPACT.


Nieuwsbrief 2022-2023 #1

In deze donkere en ongetwijfeld ook drukke dagen voor Kerst sturen we jullie de eerste nieuwsbrief van dit schooljaar.

In de afgelopen periode heeft het gebruist van activiteiten. Zo heeft de projectgroep zich gebogen over de vraag “wat mag verwacht worden van de basisondersteuning op de scholen t.a.v. meer- en hoogbegaafdheid” en zal er binnen de besturen een enquête uitgaan om te onderzoeken hoever de scholen zijn en wat er nog nodig is. In de artikelen hieronder lees je daar, ook voor jouw bestuur, meer over.

In de nieuwsbrief vind je het volgende:

  • Workshops en trainingen
  • diverse blogs
  • informatie vanuit de werkgroepen


Zo vroeg mogelijk signaleren - KOPO

Eén van de opdrachten aan de werkgroep ComPACT is het zo vroeg mogelijk signaleren van een ontwikkelingsvoorsprong bij jonge kinderen, zodat al direct bij de start op de basisschool het juiste aanbod kan worden gegeven en kan worden ingespeeld op de onderwijsbehoeften. Dit ter voorkoming van aanpassingsgedrag en onderpresteren. Hiervoor is het belangrijk dat de signalen al in de voorschoolse fase opgepakt kunnen worden.

Er is dan ook breed overleg geweest met de diverse kinderopvangorganisaties en peuterspeelzalen in de omgeving. Daarbij is vastgesteld welke kennis er al is binnen de organisaties aanwezig is, gekeken welke vragen er waren en is er gepeild welke vorm van scholing daar een goede positieve invloed op zou kunnen hebben. Uiteindelijk zijn wij er in overleg met de organisaties uitgekomen dat het opleiden van de pedagogisch coaches een goede eerste aanzet zou zijn.

Met 14 enthousiaste pedagogisch coaches van 5 opvangorganisaties hebben wij de eerste training achter de rug en in januari-februari volgt er nog een training.

Mooi is om te zien hoe al na de eerste opleidingsmiddag en het bekijken van de map Pientere Peuters de coaches voortvarend aan de slag zijn gegaan met signaleren en hoe al voorzichtig de eerste uitdagende peuteropdrachten zijn uitgevoerd.


Lesideeën Kinderboekenweek Gi-Ga-Groen

Vanuit comPACT hebben we lesideeën ontwikkeld voor de Kinderboekenweek. Het thema dit jaar is Gi-Ga-Groen. We hebben opdrachten gemaakt voor de onder-, midden- en bovenbouw.

De basis voor het lesmateriaal is de taxonomie van Bloom. Zo starten de opdrachten met lagere orde denkvragen en daarna maken de kinderen een verdiepende slag met hogere orde denkvragen. Veel plezier ermee.


Nieuwsbrief #3

Al voelt het alsof we nog maar net gestart zijn, toch nadert comPACT de laatste fase van het project. In maart 2019 werd de subsidie door het ministerie van OCW toegekend.

Subsidie met als doel een dekkend netwerk te realiseren voor ondersteuningsvragen van kinderen met kenmerken van (hoog)begaafdheid. Gelukkig hebben we nog iets meer dan een heel schooljaar om alles waar we enthousiast mee bezig zijn verder uit te rollen.

In de nieuwsbrief vind je het volgend:

  • scholingsaanbod
  • artikel over de overdracht naar een nieuwe groep
  • comPACT coach


Signaleren aan de Poort

Signaleren aan de Poort

Als je kinderen wilt signaleren die mogelijk een ontwikkelingsvoorsprong hebben, begin dan meteen goed: bij het intakegesprek met de ouders. Door de juiste vragen te stellen kun je een indruk krijgen van de voorschoolse ontwikkeling van het kind. Zowel thuis, als op een peuterspeelzaal of kinderdagverblijf. Dit noem je ‘signaleren aan de poort’. In februari is er vanuit comPACT een workshop geweest over dit onderwerp. Nu een samenvatting online, zodat meer leerkrachten en IB’s zich kunnen informeren!

In dit blog lees je een aantal belangrijke onderwerpen om te bespreken tijdens een eerste oudergesprek. Je kunt ze opnemen in een praatpapier voor jezelf, of toevoegen aan een intake formulier voor ouders.

 

Signaleren aan de poort: de vragen!

Vraag naar de grofmotorische ontwikkeling van het kind. Wees alert als ouders aangeven dat het kind erg vroeg kon lopen, huppelen en/of fietsen. Ook als ouders aangeven dat het lang geduurd heeft voor het kind ging lopen of fietsen, maar dat het ‘ineens’ over deze vaardigheid beschikte, kan dat een signaal zijn. Sommige kinderen die later hoogbegaafd blijken te zijn laten iets pas zien als ze zéker weten dat ze het kunnen.

Vraag naar de taalontwikkeling: Let op bij een vroege taalontwikkeling, of (zoals hierboven) wanneer ouders aangeven dat het kind laat ging spreken, maar wel inééns in hele zinnen sprak.

Vraag of ouders een representatieve tekening mee willen nemen. Veel kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong kunnen al heel aardig tekenen. Ze tekenen bijvoorbeeld complete scènes met duidelijke ‘poppetjes’. Soms laten deze kleuters op school alleen krastekeningen zien, omdat ze zich razendsnel aanpassen aan wat ze zien bij andere kinderen. Een tekening die je in de eerste weken laat maken of die ouders meenemen zorgen voor een ‘nulmeting. Zo weet je of kinderen zich gaan aanpassen.

Overdenking: er zijn ook genoeg kleuters met een ontwikkelingsvoorsprong die nog niet over een goede fijne motoriek beschikken. En dus nog geen goede tekening kunnen maken. Dat betekent dan niet meteen dat deze kleuter geen ontwikkelingsvoorsprong kan hebben.

Vraag naar vriendjes en vriendinnetjes. Het is interessant als kinderen op zeer jonge, voorschoolse leeftijd al een vaste vriendschap hebben ontwikkeld en al goed samen kunnen spelen. Ook het graag spelen met oudere kinderen kan opvallend zijn.

Vraag naar interesses van het kind: Sommige kinderen hebben al jong een specifieke interesse en weten hier ook al veel vanaf. Voorbeelden zijn het heelal, dino’s, een bepaald dier, treinen, Starwars, etc. In praktijk valt dit vaker op bij jongens dan bij meisjes.

Vraag naar gedrag: kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong kunnen hun ouders voor een flinke uitdaging stellen! Koppig gedrag met bijvoorbeeld eten en steeds de grenzen blijven opzoeken is iets dat veel ouders van kleuters met een ontwikkelingsvoorsprong herkennen.

Vraag naar de cognitieve ontwikkeling van het kind: puzzelt het graag? Speelt het gezelschapsspelletjes? En kan het dan de dobbelsteen aflezen, en een pion op de juiste manier verplaatsen? Heeft het sowieso interesse in cijfers en tellen of letters? Goed om te weten als dat het geval is, je kunt hierbij dan direct aansluiten in de klas.

Blog van Cora


Berichtje van een comPACT-coach

Berichtje van een comPACT-coach

Het mooie van het werken als comPACT-coach vind ik dat ik op verschillende scholen kom en verschillende mensen spreek. Op iedere school heeft men (de directie, de ib-er, de leerkracht en de onderwijsassistent) de intentie om goed onderwijs te geven. En ik mag daar een bijdrage aanleveren! Het mooie is dat het op elke school hetzelfde is: kinderen, lokaal, leerkracht enzovoorts. Maar tegelijkertijd is elke school anders: anderen kinderen, andere lokalen, andere leerkrachten enzovoorts. Dat maakt het voor mij als comPACT-coach heel interessant: iedere school heeft zijn eigen vragen en behoeften. En dus voor mij andere antwoorden en aanreikingen.

Zo ben ik met een onderbouwteam bezig geweest met het ontwerpen van een ontdekeiland (onderzoekend leren) en heb ik meegedacht met een leerkracht hoe, wat en wanneer de extra ondersteuning voor de slimme leerlingen kon plaatsvinden. Ook denk ik met ib-ers mee over de intake van startende kleuters, het signaleren binnen de school of wat de rode draad is rondom compacten en verrijken. Regelmatig geef ik aan (delen van) teams over dat laatste onderwerp uitleg.

Ik geef graag namens de leerlingen een compliment aan iedere onderwijsassistent, leerkracht, ib-er, hb-specialist en directeur die in de afgelopen periode een stap heeft gemaakt in het (nog) beter maken van het onderwijsaanbod. Misschien heb je de denksleutels (her)ontdekt,

Misschien ben je met rekenen goed op weg om te compacten en lukt het begeleiden bij de verrijkingsopdrachten je ook nog eens

Misschien heb je net die nieuwe intake verbeterd

Of misschien heb je een mooi plan bedacht om met je team meer- en hoogbegaafdheid op de kaart te zetten….

Het draagt allemaal bij aan een passender aanbod en toch maar mooi!

Blog van Marije


Huiswerk op maat ?!

Moeten wij onze plusklas leerlingen hetzelfde huiswerk of ander huiswerk aanbieden ?

Tijdens de afgelopen 13 jaar heb ik allerlei veranderingen gezien voor leerlingen die meer- of hoogbegaafd zijn. Er zijn pluswerkboeken bij methodes, stersommen, plustaken en scholen compacten de lesstof waar nodig. In de tijd die vrijgekomen is door het compacten, krijgen de leerlingen lesstof aangeboden die past bij de eigen manier van leren en denken.

De leerlingen in onze klas krijgen huiswerk vanaf groep 5. Dit huiswerk bouwen we op. Groep 5 om de week, groep 6 iedere week aan het begin van het jaar, tot uiteindelijk in groep 8 zo’n 4 of 5 opdrachten per 8 weken. Allemaal opdrachten waar ze bij na moeten denken en die inspanning vereist. Wij leren de leerlingen hierbij een planning te maken en gebruiken een planagenda waar zij opschrijven wanneer ze wat aan hun huiswerk gaan doen.

We merken dat dit voor veel kinderen lastig is en dat ze het voor zich uitschuiven. Bij het nabespreken vertellen leerlingen vaak dat ze niet gewend zijn om zich in te zetten voor het huiswerk. In onze plusklas zitten voornamelijk leerlingen die VWO gaan doen na het basisonderwijs. Toen ik vroeg wie er ander huiswerk kreeg dan de groepsgenoten met een VMBO advies, waren er maar twee leerlingen die hun vinger opstaken. Vaak is het huiswerk een topo-opdracht die in een half uurtje geleerd is, een (voor hen) super saai blad met makkelijke sommen of een blad met spelling waar ze de woorden al van kennen. Het leren van de geschiedenistoets gebeurt vaak  nog even ’s morgens bij het ontbijt. Een leerling vertelde dat hij laatst was vergeten zijn geschiedenis te leren, maar wel een 8,7 haalde voor de toets.

Oud-leerlingen die komen vertellen hoe het op het VO is, geven altijd lachend aan dat ons huiswerk, dat ze zo veel vonden, niets is vergeleken bij wat ze op het VWO moeten doen. Ook vertellen ze dat ze het veel leerwerk vinden en dat ze daar soms stress van ondervinden.

Moeten wij onze leerlingen die straks naar HAVO of VWO gaan ander huiswerk aanbieden dan klasgenoten die VMBO gaan doen? Langere leerteksten, moeilijker opdrachten, net als het lesstofaanbod in de klas.  Bereiden we ze daarmee beter voor op het voortgezet onderwijs? Of ontnemen we ze een stukje kind-zijn en komt het wel goed op het VWO?

Misschien is er een middenweg te vinden. Geen huiswerk waar ze geen moeite voor hoeven doen en tijd om nog lekker kind te zijn en buiten te kunnen spelen. Er zou gekeken kunnen worden naar hoeveel tijd een gemiddelde leerling aan zijn of haar huiswerk kwijt is per week. Als we diezelfde tijd invullen met huiswerk op het niveau van onze toekomstige HAVO en VWO leerlingen, zijn we denk ik goed bezig. Dan kan de leerling zijn of haar executieve vaardigheden oefenen die straks op het voortgezet onderwijs van belang zijn.

Blog van Marion